Geen intieme relatie: de olifant in de kamer

“Gewoon, geen partner hebben”, noemt Eisso Post als grote, opvallend genoeg zelden genoemde oorzaak van eenzaamheid. Bij eenzaamheidsbestrijding valt de groep niet zo oude singles volgens hem grotendeels buiten de boot, doordat activiteiten tegen eenzaamheid steeds meer gericht zijn op 75-plussers. “Maar daardoor laten we wel enige tientallen procenten van het probleem liggen”, waarschuwt hij. De daad bij het woord voegend zet hij nu zelf een mannengespreksgroep op over deze “erg grote olifant in de kamer”.

Midden in het leven

Afgelopen najaar bezocht Eisso Post (62) een avond tegen eenzaamheid. De mensen die zich daar uitspraken bevestigden wat hij al vermoedde: “De miljoen Nederlanders die zich eenzaam voelen zijn niet alleen mensen die je achter de geraniums vandaan moet plukken; velen van hen volgen cursussen of doen vrijwilligerswerk en houden contact met collega's en buurtgenoten, maar ze blijven iets missen.” Hij vermoedt dat een factor vaak is dat ze geen partner hebben. Daar zitten twee kanten aan: je contacten met mensen zijn niet constant, niet stabiel, zeker niet in deze tijd. Bovendien blijf je lichamelijke intimiteit met anderen missen. De genoemde groep valt bij eenzaamheidbestrijding nu grotendeels buiten de boot doordat activiteiten tegen eenzaamheid vooral gericht zijn op 75-plussers.

Eisso Post

Meer dan de helft overlap

“Een erg grote olifant in de kamer” is het voor zijn gevoel: “geen partner, geen liefdesleven, geen stabiliteit.” In de krant las hij dat een derde van alle volwassen Nederlanders alleenstaand is en gemiddeld tweehonderd euro per jaar besteedt aan datingsites en -events. “Het zou me enorm verbazen als de vaak genoemde miljoen eenzamen en de groep alleenstaanden elkaar niet voor meer dan de helft overlappen. Maar mensen hebben het daar liever niet over, het is ontzettend kwetsbaar.” Ook eenzaamheidsbestrijders hebben hier volgens hem te weinig oog voor. “Hun activiteiten zijn te veel gericht op ouderen en de echte geranium-doelgroep. Voor veel mensen die zich eenzaam voelen lost een gezellige maaltijd met nog zo leuke mensen niets op, want het gemis aan vastere contacten en intimiteit blijft.”

Woestijn

“Best af en toe een knuffel hoor, maar geen langdurige fysieke nabijheid met iemand”, omschrijft Post lichamelijke eenzaamheid. Zonder vaste partner, sinds zijn laatste en enige grote relatie vijftien jaar geleden stukliep, spreekt hij uit eigen ervaring. Nu bezoekt hij muziekimprovisatieavonden, dansavonden, doet vrijwilligerswerk, en heeft hij bekenden met wie hij goed kan praten. “Maar ik heb ook dagen dat ik niemand spreek, behalve de mensen van de supermarkt. Dat voelt dan heel eenzaam. Het evenwicht is zoek.” En een liefdesleven? “Voorjaar 2017 had ik een paar weken iets met een leeftijdgenote. We kregen steeds meer door dat het alleen om de seks ging. Best fascinerend om zoiets ook een keer mee te maken, maar het is zeker niet waar ik nu naar zou streven. En het was wel een soort oase in een jarenlange woestijn.”

Gespreksgroep

Een sterkere focus op jongere, althans niet alleen oude alleenstaanden, kan voorkomen dat mensen op oudere leeftijd eenzaam worden, stelt hij. Zelf zet hij nu samen met netwerkorganisatie Mankracht Groningen een gespreksgroep op voor alleenstaande mannen: “Om het er samen over te kunnen hebben hoe je toch weer een leuke vrouw ontmoet, of hoe je het leven zo leuk mogelijk maakt als dat niet gebeurt.” Alleenstaande vrouwen ook bij die groep laten aanschuiven vindt hij geen goed idee. “Ten eerste gaan mensen dan denken dat het bedoeld is als datinggroep en dat moet het heel duidelijk niet zijn. Bovendien praten mannen anders over gemis aan intimiteit dan vrouwen, en ik wil rare discussies voorkomen.” Wel lijkt het hem een goed idee dat er naast deze groep ook gemengde praatgroepen komen waar “onbevooroordeeld en ideologievrij” over gender issues wordt gesproken: “Die dialoog ontbreekt nu grotendeels.”

Taboes

“Er liggen taboes op het onderwerp, misschien wel zó groot dat je niet eens mag zeggen dat het taboes zijn”, stelt Post. “Vaak hoor je zeggen dat een vrouw sneller scheef aangekeken wordt als ze een wild liefdesleven begint. Maar daar zitten twee kanten aan, beide seksen kennen grenzen waar nauw op gelet wordt. Van bijvoorbeeld een vrouw die een andere vrouw of man of kind mooi noemt, of knuffelt, kijkt niemand op, maar doet een man dat, dan vindt men dat al snel verdacht of slecht gedrag. Een ander punt is dat het tegenwoordig hip is om ‘genoeg aan jezelf te hebben’. Ik zag op Facebook een post van een vrouw die een leuk nieuw huis had betrokken ‘en nou nog een leuke man erbij’. Meteen -tig reacties van vooral andere vrouwen die tegen haar toeterden dat ze toch een sterke vrouw was en prima zonder man kon. Die hele behoefte uitspreken kan nauwelijks meer.”

Dating

Datingsites kunnen volgens hem zelfs wel voor “ruis” zorgen. “In plaats van er in de echte wereld op uit te gaan schrijf je maar weer eens op een profiel. Maar dan moet er bij de eerste echte ontmoeting meteen een klik zijn, anders heeft met elkaar verder gaan geen zin, vinden veel daters. Vroeger had een relatie meer kans om te groeien. En verbaal online contact kan nog zo prachtig lijken, het is toch heel anders dan live contact. Telkens weer chatten en afspreken kost daardoor zoveel energie dat je je begint af te vragen of het allemaal nog wel de moeite waard is. Ik merk het bij mezelf, maar van andere mannen hoor ik het ook. Hoe dat bij vrouwen die daten zit kan ik minder goed beoordelen.” Daarom raadt hij mensen die op latere leeftijd een relatie willen verbreken aan dat niet al te lichtvaardig te doen: “Omdat na je veertigste een nieuwe partner vinden niet meer zo soepel gaat als toen je jonger was. Uiterlijk is het niet meer allemaal zoals het was en met ieder zijn ingesleten gewoontes is het ook meer gedoe. Al zal ik de laatste zijn om mensen de les te willen lezen, natuurlijk is elke situatie anders, ik was zelf boven de veertig toen mijn relatie misliep.”

Mensen zijn banger

Zijn eigen sociale leven noemt hij “chaotisch en versnipperd”: “Dan weer ga ik met die om, dan weer een tijdje met die. Oude vrienden wonen verspreid over het hele land, dus die zie ik ook maar af en toe. Hebben ze een gezin, dan is het nog lastiger, want dan hebben ze daar hun handen aan vol.” Op een evenement of feestje met een vrouw die je daar ontmoet een vervolgafspraakje maken, bijvoorbeeld voor een etentje, is, ervaart hij, ook niet meer van deze tijd. “Het lijkt in tegenspraak met al het blije verkeer op social media, maar mensen zijn banger geworden, houden meer vast aan hun privacy. Veiligheid wordt steeds belangrijker. Bij iemand thuis langs gaan doen mensen niet zo maar meer. Je ziet elkaar wel weer op een volgend evenement.”

Andere wereld

Uit de boekenkast plukt Post het boekje Hoe versier ik het, herziene druk uit 1997. Daarin doen psychologen Jaap Hollander en Jeffrey Wijnberg methoden en technieken uit de doeken voor het leggen van nieuwe relaties. “Veel van wat daarin staat, is achterhaald doordat mensen de dingen nu compleet anders doen. Het staat vol met voorbeelden van eenmalig bedoelde leuke gesprekjes die tot gevolg hebben dat mensen jaren met elkaar om blijven gaan. In de vorige eeuw was dat veel vaker zo, herinner ik me. Nu kun je mensen tienmaal ergens treffen en uitgebreid spreken en ze komen nog niet bij je langs, je hebt ze op Facebook en dat is het dan. Wie zich na zijn veertigste weer als vrijgezel in het uitgaansleven mengt, stapt dan ook in een compleet andere wereld dan wat hij of zij zich van vroeger herinnert. Dat maakt een nieuwe partner vinden er ook niet makkelijker op.”

Enorme behoefte

Doel van de gespreksgroep die Post nu met Mankracht opzet, is onder andere ruimte bieden aan mannen om het onder elkaar te kunnen hebben over hoe ze het bij een volgende date zouden aanpakken. “Over wat voor kleren je aantrekt, wat je tegen haar zegt, maar ook over je eigen voorkeuren, wat je mist en waar je bang voor bent. Niet allemaal even makkelijk dus, want mannen lopen daar niet te koop mee. Dus of die praatgroep lukt, is een gok. Mannen moeten er wel behoefte aan hebben. Maar die behoefte is misschien wel enorm. Ik hoorde dat tegelijk met mij iemand uit Appingedam met het idee kwam.”

Versiercoach

Post vindt dat mensen die moeite hebben met het vinden van een partner terecht moeten kunnen bij een professionele ‘versiercoach’: “Het woord heeft een nare bijklank van seksisme en oplichterij, maar volgens mij zou een integere, professionele invulling van het beroep mogelijk moeten zijn.” Zelf kreeg hij adviezen van een netwerkcoach van Humanitas, maar die vrijwilliger was volgens hem toch niet voldoende onderlegd: “Ik denk dat het een deskundig iemand moet zijn, zoals een psycholoog met dit onderwerp als specialisme. Die kan iemand na een afwijzing ook goed opvangen en kijken hoe die het een volgende keer anders zou kunnen doen.” Over zijn eigen kansen op weer een partner en liefdesleven, is Post gematigd optimistisch: “Ik hoop het zeer. Misschien moet ik ook accepteren dat het nooit meer gebeurt, al vind ik dat een heel zware gedachte.”

Paul Hazebroek