Eenzame gaat weer glimmen van vraag iets voor ander te doen

Jenny Zwijnenburg haalt in Rotterdam met haar project Dockwerkers eenzame mensen uit hun sociaal isolement. Met een leuke cursus of door ze te verleiden iets te betekenen voor anderen. “Mij is het te doen om mensen die helemaal niemand hebben. Die help ik aansluiting te vinden bij anderen.”

Vorig jaar werd ze door het magazine Zorg + Welzijn uitgeroepen tot Sociaal Werker van het Jaar. Vanaf volgende jaar is haar aanpak in Rotterdam regulier welzijnsbeleid.

Astrid behandelt de katten van Marco tegen vlooien. Als wederdienst ruimt Marco de kelder op bij het bejaarde echtpaar Smit. Dat op zijn beurt weinig gedragen kleding schenkt, waar Dina mee geholpen is. Zelf geeft Dina Nederlandse les, zoals aan Rabia uit Guinee, die weer helpt bij het sorteren van babykleertjes voor aanstaande moeders in nood. Ook in het buurthuis zet Erna “de lekkerste koffie van Charlois”, met het koffieapparaat dat de 83-jarige mevrouw Hansen gaf als blijk van dank voor dat Fien bij haar thuis de ramen lapte en boodschappen deed.

Balletje

Jenny Zwijnenburg (34) heeft legio voorbeelden van hoe ze in de Rotterdamse volkswijk Charlois bij welzijnsorganisatie Dock met haar project Dockwerkers vereenzaamde wijkbewoners aan een ‘vervangend sociale netwerk’ helpt. “Mij is het te doen om mensen die helemaal geen sociale contacten hebben. Die knoop ik aan elkaar, want zelf doen ze dat niet. Ik zorg dat ze een plekje krijgen in de groep en biedt sociale activiteiten aan. Als het balletje eenmaal rolt, hoef ik niet veel meer te doen . Dan gaat het bijna vanzelf. Je wil niet weten hoe creatief mensen zijn in het verzinnen van het doen van dingen voor elkaar. Deelnemers vinden zo ook aansluiting bij elkaar. Daar geniet ik van.”

Verleidingsstrategie

‘Bedenkster van een verleidingsstrategie voor eenzame mensen’, noemde een radioverslaggever Jenny toen ze eind vorig jaar werd uitgeroepen tot Sociaal Werker 2014. “Ik vraag iemand nooit of ie eenzaam of sociaal geïsoleerd is”, legt ze uit: “Mensen geven dat niet graag toe. Ze schamen zich ervoor en denken dat niemand op ze zit te wachten. Ik kies dus een andere weg en vraag of ze zin hebben in een leuke cursus en of ze iets willen betekenen voor wijkgenoten. Dat werkt wel. Ze gaan er ook weer van glimmen. Iedereen geeft liever hulp dan dat ie hulp van een ander vraagt.” 

Afvoerputje

Haar aanpak oogt eenvoudig, maar is het niet, verzekert ze. “Ik richt mij met Dockwerkers op het afvoerputje van de samenleving. Op heel kwetsbare mensen, die problemen als schulden en fysieke of psychische handicaps heftiger beleven juist doordat ze geen sociaal netwerk hebben. Ze willen wel graag anderen ontmoeten, maar doordat ze sociaal onhandig zijn of depressief, lukt ze dat niet. Met Dockwerkers probeer ik dat te doorbreken. Al is het soms zoeken naar wat ze kunnen, want ze zijn al heel lang niet gewend aan dat die vraag ze wordt gesteld. Of ze denken dat ze niks kunnen omdat ze in een rolstoel zitten of een verstandelijke handicap hebben. Maar dan zeg ik: je kan wel iets, we weten alleen nog niet wat.”

Shoppen

Al als student sociologie stuitte Jenny in een bijbaantje als huishoudelijke hulp bij ouderen thuis veel op eenzaamheid en sociaal isolement. Zoals bij een man van in de zeventig die in de zitkamer maar één stoel had staan ‘omdat er toch nooit iemand langskomt’. Sociaal werk in Charlois doet ze sinds tien jaar. Sinds 2012 voor stichting Dock. Het confronteert haar met schrijnende situaties achter voordeuren in die wijk: “Vooral mannen vereenzamen. Vrouwen zijn socialer en gaan sneller naar een wijkcentrum. Mannen niet, die gaan niet met elkaar koffiedrinken of gezellig een middagje shoppen. Dus die komen de deur niet meer uit.”

Oppepper

Inspelend op de behoefte van mannen aan meer doelgerichte contacten, begon ze drie jaar geleden met een computergroep. In de hoop alleenstaande mannen zo te bewegen wel naar het buurthuis te komen. Dat lukte. De computergroep bestaat nog steeds en er ontstonden ook vriendschappen. Onbedoeld vormde die cursus ook de aanzet tot het Dockwerkers-project. “Een keer kwam een man op een scootmobiel hulp vragen voor een verhuizing. Spontaan boden zich toen een paar computeraars aan. Die man doneerde toen kleding. Dat bracht me op het idee van wederkerigheid, dus dat buurtbewoners die hier voor hulp aankloppen iets terugdoen voor de wijk. Ze oogsten er waardering mee en dat geeft hun zelfvertrouwen een oppepper.”

Wieg

Met haar aanpak van sociaal isolement is Jenny, zoals ze zelf zegt “van de school” van filosoof en sociaal wetenschapper Anja Machielse. Met haar onderzoek bij het Landelijk Expertisecentrum Sociale Interventie stond Machielse ook aan de wieg van de Rotterdamse aanpak van sociaal isolement. “Het ene is een gevoel, het andere een feit”, typeert Jenny het verschil tussen eenzaamheid en sociaal isolement. “Eenzaamheid hoort bij het leven. Op een feest met familie en vrienden om je heen kun je je ook eenzaam voelen. Maar dat betekent nog niet dat je geen sociaal netwerk hebt. Wie sociaal geïsoleerd is, heeft helemaal geen contacten. Die zit met z’n verjaardag en kerst alleen en heeft als die ziek is, ook niemand die even boodschappen doet.”

Presentie

Jenny liep ook college bij sociaal wetenschapper Andries Baart en past in haar eigen werk diens presentie-theorie toe. “Presentie biedt hulp, steun en zorg in de vorm van een werkzame, effectieve bekommernis die het verhaal en leven van de ander helpt te verstaan en verder te brengen”, aldus Baart. De presentie-filosofie is, zo legt hij uit, vooral gericht op situaties waarin mensen ‘onaanzienlijk, arm, sociaal overbodig, doodziek of hopeloos’ zijn.

Vlekjes

“Kom je bij ons in de groep, dan word je voor vol aangezien, ondanks je vlekjes”, vertaalt Jenny Baarts theorie naar haar praktijk van alledag. Ze vertelt van een man van 45 met een opvliegend karakter die tegen iedereen in de groep tekeerging. Toch stuurden die anderen hem niet weg. Om te voorkomen dat hij weer helemaal alleen zou komen te staan. “Ik heb het toen wel met de rest besproken, maar ze wilden proberen hem er toch bij te houden. En juist doordat hij mocht blijven, dat hem dus het gevoel werd gegeven dat hij er mocht zijn, zie je hem nu groeien. Ik vind dat geweldig. Tranen in mijn ogen krijg ik daarvan. Want dat had ook zo iemand kunnen worden die voor de trein springt of die thuis eenzaam dood gaat en pas weken later wordt gevonden.”

Probleem

Het brengt haar op de bezuinigingen in de zorg. “Als je als overheid de Wmo wil doorvoeren en vindt dat mensen meer beroep moeten doen op hun sociale netwerk, dan moeten die mensen wel zo’n netwerk hebben. Beleidsmakers ontdekken nu dat dit een probleem is. Van alle Rotterdammers geeft veertig procent aan matig tot ernstig eenzaam te zijn. Dus ik voorspel dat meer mensen tussen wal en schip raken. Vooral mensen met een psychiatrische handicap dreigen meer op straat te komen staan omdat er geen geld meer is voor professionele zorg.”

Verkokering

“Allerbelangrijkst” vindt ze het dat verkokering in zorg en welzijn wordt tegengegaan: “Voor het signaleren van isolement moeten hulp- en dienstverleners met een brede blik kunnen kijken. En als er echt geen informeel netwerk is, moet het mogelijk blijven om professionele zorg in te zetten.” Waarbij ze ook kanttekeningen plaatst bij die professionele zorg: “Vaak geldt de professional nog als de expert die bepaalt wat goed is voor een cliënt. Alsof die professional de waarheid in pacht heeft. De presentie-theorie houdt juist in dat je als zorgwerker aansluiting zoekt bij het leven van de cliënt. En dat je met hem, jij met jouw expertise en hij als ervaringsdeskundige, samen bekijkt wat voor hem het beste is.”

Nuchter

Helemaal aan dovemansoren blijkt haar oproep niet. De werkwijze van Dock wordt overgenomen door andere wijken in de Maasstad. En vanaf volgend jaar maken de uitgangspunten van het project Dockwerkers, dat inmiddels veertig deelnemers telt en totaal 120 wijkbewoners bereikt, deel uit van het stedelijk welzijnsbeleid. Jenny, nuchter op z’n Rotterdams: “Ik beschouw het project Dockwerkers als een praktijkonderzoek naar deze manier van werken, en dat blijkt succesvol.”

Paul Hazebroek, 16 april 2015

Meer strijders tegen eenzaamheid

Lees meer persoonlijke verhalen in de serie Strijders tegen eenzaamheid door Paul Hazebroek.

 

Lees ook: