‘We moeten leren oud te worden’

Hij is de eerste flatcoach van Nederland. Jan Bernard Oostwoud in Rijswijk. Op allerlei manieren werkt Oostwoud aan de verbindingen binnen de flat en aan de bestrijding van eenzaamheid. ‘We schrijven ouderen in onze samenleving te snel af.’

Jan Bernard Oostwoud
Wie: Jan Bernard Oostwoud
Wat: Flatcoach in de Prins Bernhardflat, Rijswijk

Oostwoud heeft zijn deur van zijn kantoor nog niet geopend of de eerste bewoner meldt zich al. De mevrouw in kwestie wil graag een thermosstaatkraan in de douche. Oostwoud raadt haar aan contact met de woningcorporatie op te nemen en schrijft het nummer op. En nog iets anders. Ze wil zich ook graag inschrijven voor de maandelijkse maaltijd, die een aantal bewoners gezamenlijk maken en delen.

Oostwoud glimlacht. De bewoners van de Bernhardflat in Rijswijk weten hem inmiddels goed te vinden. Twee jaar geleden besloten de corporaties Rijswijk Wonen en Vidomes, welzijnsorganisatie Welzijn Rijswijk en zorgorganisaties Florence en WoonZorgcentra Haaglanden met de gemeente Rijswijk een flatcoach aan te stellen in twee Rijswijkse flats. De eerste in Nederland. Een antwoord op de vraag: hoe kunnen we ouderen zo lang mogelijk thuis laten wonen?

Snijvlak

De flatcoach is een schaap met vijf poten, zegt Oostwoud, die zelf als ouderenadviseur en activiteitenbegeleider veel ervaring meeneemt. ‘Ik opereer op het snijvlak van wonen, welzijn en zorg. Ik denk samen met bewoners na wat er nodig is om hier prettig te wonen. Dan hebben we het over veiligheid, over een betaalbaar activiteitenaanbod én over inclusiviteit.’

Op allerlei manieren werkt Oostwoud aan de verbindingen binnen de flat en aan de bestrijding van eenzaamheid. ‘Mensen zijn nu eenmaal sociale wezens, ik wil de ouderen in onze flat laten zien dat het fijn is om samen wat te ondernemen. Zeker wanneer je dezelfde interesses deelt.’

Hij pakt er een dikke map bij. Een overzicht van de activiteiten die de afgelopen twee jaar in de Bernhardflat zijn opgezet. Een koffie-ochtend, handwerkmiddag, tai-chi- en astrologielessen, de maandelijkse maaltijd. Hij bladert verder. Met een maandelijkse nieuwsbrief worden alle bewoners op de hoogte gehouden. Uitgangspunt is dat Oostwoud faciliteert maar dat de bewoners zelf de activiteiten organiseren.

Talenten

Daarnaast heeft hij – met hulp van een bewoonster en stagiaire – de talenten van de bewoners boven water gehaald. Hiervoor heeft hij van driekwart van de bewoners de talentenkaart ingevuld. ‘Met allerlei vragen als ‘waar bent u goed in, wat zou u zelf willen doen? Wilt u boodschappen doen voor iemand die ziek is? Waar zou u hulp kunnen gebruiken?’ Het werden vaak lange en soms ook emotionele gesprekken. ‘Een goede manier om de bewoners te leren kennen.’

‘Ik zit mijn tijd wel uit, hoor ik dan’

Marian Vissers, bewoonster (73) 

‘De flat is zeker veranderd met de komst van Jan Bernard. Er is nu veel meer contact onderling, er worden activiteiten georganiseerd. Het is een thuis geworden. Bewoners waren in het begin erg sceptisch. Flatcoach? Wat moeten we daarmee? Hij werd niet met open armen ontvangen. Maar dat is totaal veranderd. Ik merk wel dat de drempel om aan een activiteit mee te doen voor sommige bewoners hoog is. Ik zeg altijd: kom gewoon eens kijken. Ga een keer naar de handwerkclub, ga een keer koffiedrinken. Ik weet hoe erg eenzaamheid kan zijn. ‘Ik zit mijn tijd maar uit’, hoor ik dan. Het is ook heel goed dat nu een professional de bewoners begeleidt. Dat is belangrijk, voordat je het weet ontstaan er allerlei groepjes en gedoe. Een flatcoach voorkomt dat.’

Waar komt die affiniteit met ouderen vandaan? ‘Waarschijnlijk valt de appel niet ver van de boom, mijn vader werkt ook met ouderen, meer vanuit de zorg. Ik ben een echte seniorenman. Er zit ook wel wat strijdvaardigs bij, ik vind het belangrijk dat ouderen een rol hebben in het leven. Ik vind dat de huidige maatschappij ouderen veel te snel afschrijft.’

Het moment dat iemand met pensioen gaat en zijn of haar rol als werknemer kwijtraakt, is een belangrijk keerpunt, weet hij. ‘Soms met ernstige gevolgen. Naar mate je ouder wordt, raak je steeds meer rollen kwijt. De rol van werknemer, van vader of moeder, die van partner. Het grote gevaar is rol-loos door het leven te gaan en dan begeven we ons als mens op glad ijs.’

Leed

Zinloosheid. Dat is precies waar mensen die kampen met eenzaamheid last van hebben, stelt de flatcoach. ‘Ik hoorde pas nog een bewoonster zeggen: ‘Er wacht toch niemand op mij. Achter zo’n zin gaat zoveel leed schuil. Verschrikkelijk. Ik denk ook – alle goedbedoelde initiatieven rondom eenzaamheid ten spijt – dat de oplossing om eenzaamheid te voorkomen veel eerder in iemands leven zit. Wat voor rol heb ik en wil ik in mijn leven? Hoe bereid ik me voor op het ouder worden? Wat als mijn partner eerder komt te overlijden? We moeten leren oud te worden.’

Het onderwerp gaat hem duidelijk aan het hart. ‘Wanneer je jong bent dan ben je voortdurend bezig met de toekomst. Maar er komt een omkeerpunt waarna mensen per dag gaan leven. Ze verliezen dan vaak ook de regie, laten zich betuttelen, dat zag je vroeger ook in de verzorgingstehuizen zo vaak.’

Zingeving

Hij wijst op het onderzoek van de Amerikaan Dan Buettner naar de zogenoemde blue zones, gebieden in de wereld waar mensen bovengemiddeld oud worden. In Sardinië, Griekenland, Okinawa, Costa Rica en bij Zevende-dags Adventisten in Californië onderzocht Buettner de leefgewoonten van senioren en 100-plussers. ‘Ook daaruit blijkt dat mensen iets moeten hebben waar ze voor opstaan in de morgen. Zingeving, daar draait het om.’

Alle aandacht voor eenzaamheid heeft er volgens Oostwoud voor gezorgd dat het taboe begint af te brokkelen. ‘Dat is maar goed ook, laten we er vooral niet krampachtig over doen. Eenzaamheid hoort bij het leven, het is volkomen normale menselijke emotie. Het wordt wat anders als mensen er echt onder gaan lijden.’

Jessica Maas

‘We zijn allemaal – na het verdwijnen van de verzorgingstehuizen – op zoek naar een tussenvorm’

Gea de Jong, programmamanager Innovatie Sociaal Domein, gemeente Rijswijk

‘In 2016 hebben we in Rijswijk afgesproken meer in te zetten op preventie. In onze gemeente wonen veel ouderen, hoe kunnen we ervoor zorgen dat ze zo lang mogelijk thuis kunnen wonen? Zo is al brainstormend het idee voor flatcoach ontstaan. Een soort opbouwwerk voor ouderen. Vooral met het doel om de burgerkracht te stimuleren. We zijn nog bezig met de evaluatie, maar we zien wel de meerwaarde van een professional. Ik denk ook dat dit nog maar het begin is van de coach in Rijswijk, ik kan me voorstellen dat je een coach ook in bepaalde wijken, voor ouderen of statushouders, kan inzetten. De belangstelling van andere gemeenten voor de flatcoach groot. We zijn allemaal – na het verdwijnen van de verzorgingstehuizen – op zoek naar een tussenvorm. Dat is nodig. Het is toch soms wel verdrietig wanneer ouderen ons vertellen dat niemand in de wijk elkaar nog kent. Dan is het fijn wanneer mensen zich gezien en gesteund voelen.’