#Ik voel me wel/niet eenzaam

Zondag 1 juni bezocht ik het Utrechts Internationaal Filmfestival Campusdoc. Een van de documentaires die hier in première ging was Ben ik alleen?, gemaakt door de documentairemakers Joost Scheffers en Léon Mastik. In de documentaire verwoordt Léon zijn angst om eenzaam te geraken. Na afloop van de filmvertoning was er gelegenheid vragen te stellen aan de makers. Een oudere man uit de zaal vroeg aan Léon: “Met de huidige digitale mogelijkheden hoeven jongeren toch niet eenzaam te zijn?” Léon twijfelde over deze vraag en benoemde dat hij vaak geen tijd heeft om de social media bij te houden. Deze column gaat in op de vraag in hoeverre social media een bijdrage kunnen leveren aan het vermijden of bestrijden van eenzaamheid.

Optimisten vs. pessimisten

De publieke opinie over het antwoord op deze vraag is verdeeld. Tik de woorden ‘eenzaamheid’ en ‘internet’ in Google in en je ziet direct de tweedeling. Aan de ene kant zijn er optimisten zoals de vragensteller uit de zaal, die observeren dat mensen dankzij social media als Facebook, Instagram en Twitter meer contacten hebben dan voorheen en bovendien via statusupdates beter op de hoogte blijven van de levens van deze contacten. Aan de andere kant zijn er pessimisten die benadrukken dat contacten via social media oppervlakkig zijn en dat het continu checken van social media ten koste gaat van contacten in het echte leven. Wie hebben er nu gelijk?

Het gelijk is aan de optimisten. Het internet helpt ons in het onderhouden van ons netwerk. Het gaat hier in het bijzonder om mensen die we in het ‘echte’ leven, offline dus, ook kennen. Denk aan opa’s en oma’s die contact houden met hun kleinkinderen via Skype of aan het contact dat je dankzij social media kunt onderhouden met mensen die ver weg wonen. Een van de weinige als effectief geteste interventies op het gebied van eenzaamheid in Nederland is gebaseerd op dit principe. Mensen met mobiliteitsproblemen in een wijk in Eindhoven kregen een computer (en een cursus om deze te gebruiken) en konden daardoor contact onderhouden met het sociale netwerk waartoe zij de toegang verloren waren. Dit deed hun eenzaamheid verminderen1.

Maar… de pessimisten hebben ook gelijk. Mensen die het online netwerk gebruiken als vervanging van een ‘echt’, offline netwerk en die het internet hiervoor excessief vaak gebruiken, lopen een grote kans op eenzaamheid2. Puur online contacten blijken geen goede vervangers van contacten die ook offline bestaan. Kortom, het offline element is leidend. Een mogelijke verklaring is dat offline contacten elkaar beter kennen. Online presenteren mensen zich doorgaans op een positieve manier, waardoor een versimpeld beeld van mensen ontstaat. Hierdoor kunnen mensen mindere momenten in hun leven niet online met elkaar delen. Bovendien zien mensen online alleen positieve aspecten van elkaars leven, waardoor het beeld kan ontstaan dat het eigen leven minder leuk of spannend is dan dat van anderen.

Onderliggende offline netwerk bepalend

Zoals bij zoveel zaken ligt de waarheid in het midden. Mensen die nauwelijks gebruik maken van social media hebben gemiddeld genomen minder contacten in het echte leven, immers onze online contacten via social media zijn (deels) een weergave van onze offline contacten. Dit verklaart waarom mensen die nauwelijks gebruik maken van het internet vaker eenzaam zijn dan gemiddeld. Mensen die overmatig gebruik maken van social media verliezen ‘echte’ contacten uit het oog of proberen een gebrek aan offline contacten met online contacten te compenseren.

Natuurlijk is het verband tussen social media en eenzaamheid minder zwart-wit dan ik hier schets. Andere factoren, zoals de toon en frequentie waarin gecommuniceerd wordt en het type social media dat gebruikt wordt (denk aan het onderscheid tussen een pure netwerksite of een gamesite – bij die laatste ontmoeten mensen elkaar uitsluitend online), zijn belangrijk. Over het algemeen geldt echter dat social media een middel zijn om contacten te onderhouden, maar geen wondermiddel om contacten te maken. Een online netwerk zegt niet zoveel over iemands eenzaamheid. Het is het onderliggende offline netwerk dat bepalend is.

Eric Schoenmakers, 26 juni 2014

Op basis van wetenschappelijk onderzoek bespreekt dr. Eric Schoenmakers maandelijks een aan eenzaamheid gerelateerd onderwerp. Schoenmakers promoveerde in oktober 2013 op het onderwerp ‘eenzaamheid’ aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij is auteur van het boek Coping with Loneliness. Momenteel is Schoenmakers onder andere werkzaam als docent Toegepaste Gerontologie aan de Fontys Hogeschool in Eindhoven.

Lees meer blogs van Eric Schoenmakers

Gebruikte literatuur

  1. Fokkema CM, Knipscheer K. Escape loneliness by going digital: A quantitative and qualitative evaluation of a Dutch experiment in using ECT to overcome loneliness among older adults. Aging & Mental Health. 2007; 121: 496-504.
  2. Whang LS, Lee S, Chang G. Internet over-users’ psychological profiles: A behaviour sampling analysis on internet addiction. CyberPsychology & Behavior. 2004; 6: 143-150