Minder eenzaam met een god?

“De mens heeft twee benen en twee overtuigingen: één als het hem goed gaat en één als het hem slecht gaat. De laatste heet religie.” (Kurt Tucholsky)

Eenzaamheid en religie worden regelmatig met elkaar in verband gebracht. Bovenstaande quote is daar een illustratie van. Het verband tussen eenzaamheid en religie wordt op grofweg twee manieren gelegd, die ik in deze column zal bespreken. 

Leidt religie tot (minder) eenzaamheid?

De eerste manier waarop wordt verondersteld dat religie en eenzaamheid samenhangen, stelt dat religieuze mensen minder vaak eenzaam zijn. Daarvoor worden vaak twee verklaringen gegeven. Gelovige mensen leven in een religieuze gemeenschap, dat een netwerk vormt waarop zij terug kunnen vallen. Gelovige mensen vinden steun bij hun God en ervaren daarom minder eenzaamheid.

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat religie samenhangt met minder eenzaamheid. Zo blijkt dat vrouwen die geloven dat ze een persoonlijke relatie hebben met (een) God, minder eenzaam zijn dan vrouwen die deze relatie niet hebben1. Uit ander onderzoek2 blijkt dat de richting waarin religiositeit samenhangt met eenzaamheid afhankelijk is van het Godsbeeld dat iemand heeft. Geloof in een ‘helpful God’ hangt samen met minder eenzaamheid. Geloof in een ‘wrathful God’ hangt juist samen met een sterkere eenzaamheid. 

Dat betekent dat geloven ook een negatief effect kan hebben wat eenzaamheid betreft. Uit hetzelfde onderzoek dat aantoont dat religieuze vrouwen minder eenzaam zijn, blijkt dat dit verband voor mannen niet opgaat. Hier is het juist andersom. Religieuze mannen zijn vaker eenzaam dan niet-religieuze mannen1. De onderzoekers hebben geen eenduidige verklaring voor het verschil tussen mannen en vrouwen. Mogelijk beleven mannen en vrouwen hun religie op een andere manier. 

Religie is niet alleen een verschijnsel dat mensen includeert. Mensen die (gedwongen) afstand nemen van hun religie, kunnen het gevoel van ‘erbij horen’ verliezen. Denk bijvoorbeeld aan homoseksuelen die zich niet erkend voelen door hun godsdienst. Dit verlies kan zich uiten in zowel het verlies van een sociaal netwerk als in het verliezen van zingeving en daarmee eenzaamheid stimuleren. 

Zijn eenzame mensen dan meer religieus?

De tweede manier waarop eenzaamheid en religie met elkaar in verband gebracht worden, stelt dat eenzame mensen vaker religieus zijn of worden. In 1927 stelde Freud dat religie ontstaan is om de hulpeloosheid van mensen draaglijker te maken. Drie jaar later voegde hij daaraan toe dat hulpeloosheid het grootst is wanneer het gaat om lijden dat voortkomt uit sociale relaties: “We zijn nooit zo kwetsbaar voor lijden als wanneer we liefhebben. Nooit zo hulpeloos ongelukkig als wanneer we het object van onze liefde, of zijn of haar liefde, verloren hebben.” Freud beweert dat religie (ten dele) bestaat omdat het een bufferfunctie heeft wanneer we met eenzaamheid te maken krijgen, hetgeen door onderzoek wordt ondersteund2. Ander onderzoek3 toont aan dat eenzame mensen religie en geloof zien als ‘coping mechanisme’, als manier om met eenzaamheid om te gaan. 

Een derde onderzoek4 stelt dat eenzame mensen vaker geloven in bovennatuurlijke ‘actoren’ dan niet-eenzame mensen en dus dat eenzaamheid leidt tot religiositeit. Natuurlijk werkt dit maar tot op beperkte hoogte; eenzaamheid maakt van atheïsten geen gelovigen. Maar het kan wel een zetje geven in de richting van religiositeit. Uit dit onderzoek blijkt ook dat eenzame mensen meer waarde toekennen aan andere ‘actoren’ op wie zij een persoonlijkheid kunnen projecteren, zoals bepaalde gadgets of huisdieren. Met andere woorden: eenzame mensen zoeken contact met iets waaraan zij menselijke waarden toekennen. Dat kan een God zijn, maar ook iets anders. 

James Weldon Johnson, de eerste Afro-Amerikaanse professor in de Verenigde Staten en een burgerrechtenactivist, schreef in 1927: “And God stepped out on space, he looked around and said: I’m lonely, I’ll make me a world…” [En god stapte in de ruimte, keek om zich heen en zei: “Ik ben eenzaam, ik maak mezelf een wereld...”]. De Amerikaanse onderzoeker Nicholas Epley en zijn collega’s5 stellen dat, los van een discussie over religie, het tegenovergestelde ook waar blijkt te zijn. Wanneer mensen zich eenzaam voelen, hebben ze meer behoefte aan een God. 

Of religie helpt tegen eenzaamheid?

Religie kan mensen helpen in hun strijd tegen eenzaamheid. Duidelijk is dat mensen in ieder geval een beroep doen op het geloof, wanneer zij met eenzaamheid geconfronteerd worden. Religie kan de kans op eenzaamheid ook vergroten. Waarschijnlijk is dit zeer persoonlijk. Ben je gevoelig voor contact met (een) God, dan kan dit je helpen. Zo niet, dan zal het dat ook wel niet doen. Religie includeert mensen en geeft hen het gevoel ‘erbij te horen’, maar religie kan niet- of anders-gelovende mensen ook excluderen.

Eric Schoenmakers, 9 februari 2016

Op basis van wetenschappelijk onderzoek bespreekt dr. Eric Schoenmakers maandelijks een aan eenzaamheid gerelateerd onderwerp. Schoenmakers promoveerde op het onderwerp ‘eenzaamheid’ aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij is auteur van het boek Coping with Loneliness. Momenteel is Schoenmakers onder andere werkzaam als docent Toegepaste Gerontologie aan de Fontys Hogeschool in Eindhoven.

Lees de andere blogs van Eric Schoenmakers 

Gebruikte literatuur

  1.  Kirkpatrick LA, Shillito, DJ, Kellas SL. Loneliness, social support and perceived relationships with God. Journal of Social and Personal Relationships. 1999; 16: 513-522.
  2. Schwab R, Peterson KU. Religiousness: Its relation to loneliness, neuroticism and subjective well-being. Journal for the Scientific Study of Religion. 1990; 3: 335-345.
  3. Burris CT, Batson D, Altstaedten M., Stephens K. “What a friend…”: Loneliness as a motivator of intrinsic religion. Journal for the Scientific Study of Religion. 1994; 33: 326-334.
  4. Rokach A, Brock H. Coping with loneliness. The Journal of Psychology. 1998; 132: 107-127.
  5. Epley N, Akalis S, Waytz A, Cacioppo JT. Creating social connection through inferential reproduction: Loneliness and perceived agency in gadgets, Gods, and greyhounds. Psychological Science. 2008; 19: 114-120.